Provincies hebben meer tijd nodig voor windparken

Provincies hebben meer tijd nodig voor windparken

Het gaat de meeste provincies niet lukken om in 2020 de beloofde aantallen windmolens op land te plaatsen. De afgesproken doelstelling uit het Energieakkoord wordt dan ook niet gehaald. Dat is de belangrijkste conclusie uit de Monitor Wind op Land 2018 van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO).

Windparken op land

In het Energieakkoord is afgesproken om in 2020 voor 6000 MW aan windmolens op land te hebben staan. Het Rijk heeft daarom met de provincies afspraken gemaakt over geschikte locaties en de verdeling van het aantal windparken per provincie. Provincies hebben daarbij zelf de vrijheid om de locaties aan te wijzen waar deze windenergieprojecten moeten komen.

Haalbaarheid doelstelling energieakkoord

Eind 2018 stond er, volgens de Monitor, in Nederland 3.382 MW aan operationeel vermogen; dat is goed voor ruim 56% van de landelijke doelstelling. Ten opzichte van 2017 is het operationeel vermogen wind op land met 133 MW toegenomen. Vrijwel zeker is dat volgend jaar ongeveer 4.726 MW operationeel vermogen haalbaar is. Dat is goed voor 79% van de nationale doelstelling.

Vertraging

Bij de ontwikkeling van windprojecten op land spelen een aantal algemene knelpunten een rol. Zo worden plannen voor windparken vaak aangevochten door omwonenden en natuurorganisaties. In de meeste gevallen krijgen de bezwaarmakers geen gelijk, maar de juridische procedures leiden wel tot vertraging.

Grote verschillen tussen provincies

Voor het behalen van de doelstelling uit het Energieakkoord bestaan er grote verschillen tussen de provincies. Noord-Holland is de enige provincie die naar verwachting de volledige doelstelling in 2020 zal realiseren. Flevoland, Zeeland, Overijssel en Groningen komen dicht in de buurt en presteren relatief bovengemiddeld ten opzichte van Nederland als geheel. Friesland en Limburg zitten het verst van de doelstelling af.

Extra maatregelen

De minister van Economische Zaken en Klimaat (EZK) en het Interprovinciaal Overleg (IPO) hebben afgesproken dat het deel van de doelstelling dat op 31 december 2020 niet wordt gehaald in de periode tot 2023 wordt verdubbeld. Volgens de Monitor resulteert dit uiteindelijk in meer duurzame energie in 2023.

Meer weten?

Het volledige rapport ‘Monitor Wind op land 2018’ vindt u hier.